66km prachtige piste om de Dogonvallei uit te geraken. Op sommige plaatsen is er aan weerszijde van de truck maar 1 cm plaats om door te geraken, maar de dorpjes en mensen die we tegen komen zijn prachtig.

In Koro,de laatste stad voor de grens met Burkina Faso wordt er getankt, bier ingedaan en Anton’s band hersteld. De grensformaliteiten verlopen zonder problemen.

Aan de Burkinese kant komen we eerst bij de politie. Terwijl Alex de papieren in orde brengt, speel ik even met Luna. Een korpulente agent kan zijn ogen niet geloven, als hij ziet hoe Luna de stok die ik gooide, mooi terug bij mij brengt. Als ze nadien de stok bij hem brengt, probeert hij het ook eens om de stok te werpen. Ons Loen brengt mooi de stok terug bij hem. De man is verrukt. Als hij bij het afscheid ook nog een pootje krijgt is hij helemaal in zijn sas. Dit is een verhaal om voort te vertellen.

De kampplaats in Ouahigouya is nog smeriger als vorig jaar, maar er is hier afgesproken met mensen van de Gehandicapten Associatie van Burkina. Bij de scouting hadden ze Gert ontmoet en laten weten dat een laspost om aan hun rolstoelen te werken wel welkom zou zijn. Frank heeft er zo een ter beschikking gesteld, tot grote vreugde van deze mensen.

Ze waren met een vrij grote delegatie gekomen voor de in ontvangstname. Het is een fantastisch initiatief, want in Burkina is er geen subsidi of zorg voorzien voor gehandicapten. Meestal krijgen ze ook geen scholing, omdat ze er niet geraken, maar de Associatie probeert zoveel mogelijk deze mensen te bereiken en te helpen. Het was een ontzettend emotioneel en aangrijpend gesprek dat ik met de voorzitter had. Een pracht van een kerel.

Dan was het tijd om het kamp op te zetten. De MANkat had weer water voor douches, en daar heb ik gretig gebruik van gemaakt.

De nacht zal weer kort zijn. Eerst de gebruikelijke stadsgeluiden en dan al heel vroeg in de ochtend de Imams van verschillende moskeeên die om ter hardst hun oproep tot gebed lanceren.

Vandaag is het een korte rit, slechts 25km. Vorig jaar zaten alle 2pk’s hier constant vast, maar ook nu blijkt de ondergrond vaster te zijn, en alles gaat vlot. Er zijn maar 2 zandplaten en de meeste geitjes geraken ook hier zonder problemen door. Enkel het Franse koppel : Bernard en Martine , moeten aan de MANkat gehangen worden.

Het kamp in Ikeri is vooreerst nog kalm, maar dat veranderd als de school uit is, hier zijn de kinderen erg opdringerig en al vlug overspoelen ze het hele kamp.

Dit is ook het kamp van het geitendiner. Er worden 3 geiten(bokken) gekocht en onder het toeziend oog van de plaatselijke slager, zullen Gert en Steven zich met het slachten bezig houden.

De deelnemers gaan in groepjes het dorp bezoeken, maar wij hebben het al gezien, en houden een rustige namiddag. Zo heb ik ook tijd om een wasje te doen. Onder een gezellige babbel worden de aardappelen voor vanavond geschild.

Rene de kok overtreft zich vanavond. De manier waarop hij de geit bereid is hemels en dat samen met de gebakken patatjes met spekblokjes, om duim en vingers af te likken.

De avond wordt afgesloten met een concert van de jembeband. In de uitgedroogde rivierbedding wordt een groot kampvuur aangelegd, en op de tonen van de muziek kan er ook gedanst worden. Een gezellig  einde van een mooie touaregdag.

Om 6 uur op en meteen op weg. Ontbijt kopen we onderweg, want we hebben een extra lange dag voor ons.

Djenne zullen we dit jaar niet meer aandoen, we rijden langs de baan naar Bandiagara. Het eerste stuk piste slaan we over, we rijden tot Mopti en nemen dan een prachtige baan recht naar Bandiagara.

Alles verloopt zo vlot, dat we hier reeds om 15u30 aankomen en dan verder de prachtige piste naar de falaise oprijden. de uienkwekers langs de weg zijn volop aan het oogsten, en de doordringende geur prikkeld onze neus.

De afdaling naar de voet van de falaise is weer adembenemend. beneden aangekomen zetten we vlug het kamp op en beginnen aan het avondeten.

We worden weer omsingeld door kinderen en verkopers, maar de linten om het kamp af te bakenen doen ook hier wonderen.

Het wordt een rustige maar frisse nacht. In tegenstelling tot vorig jaar, koelen de nachten harder af, maar dat slaapt wel beter.

s’morgens even opfrissen bij het restaurant, en daar gebruiken we ook het ontbijt.

Gert heeft gezegd dat we de piste moeten doen, dus gaan we op weg langs de Bani, een rivier die evenwijdig met de Niger loopt. Het is prachtig langs de vissersdorpjes met vriendelijke mensen en lachende kinderen.

Even na de middag gaat het plotseling mis. We voelen de truck aan de linkerkant van de weg zakken en even later wordt hij helemaak vastgezogen in het slijk. De linkerbanden zakken volledig weg. De geiten zijn allemaal achter ons en dus veroorzaken we een grote file, maar iedereen is meteen bereid te helpen. Echte teamspirit komt boven. De MANkat wordt uitgeladen en de geiten voor de truck gespannen, maar bij elke poging zakt de truck verder weg.

De plaatselijke bevolking komt ook al helpen graven, en met de 4×4’s en een lokale tractor wordt  na 6 uur met vereende krachten de MANkar bevrijd. even nog spannend, want wij moeten terug over die brug en dan via de piste naar Segou. An 3km per uur, want die tractor die zelf geen licht heeft, vind het heel practisch dat wij met onze lichten achter hem aan rijden en de weg verlichten.

We rijden terug tot 5km voor Segou en zetten ons aan de kant van de piste voor de nacht. Er wordt een kleinigheid gegeten en rond 20u15 kruipen we in bed, doodop. Luna zal over onze veiligheid waken, want als ze iets hoort is ze meteen alert en waarschuwd ons.

Maar alles blijft rustig en de stilte doet deugd. We slapen als rozen deze nacht.